De voorlaatste Wereldbekermanche in het Italiaanse Fiuggi werd geen succes voor onze junioren. Arne finishte na een valpartij al beste op de vijftiende plaats. Andreas en Yentl eindigden zestiende en achtentwintigste.

De eerste Wereldbekerwedstrijd, op de dit keer bevroren, Italiaanse bodem sinds 2014 heeft geen toptienplaats opgeleverd voor onze junioren. Arne reed als eerste leeuw over de finish op een vijftiende positie.

'Helemaal niet tevreden', reageerde hij achteraf erg ontgoocheld. 'Ik was goed vertrokken en reed comfortabel in zesde positie tot een Italiaan in de afdaling vol op mij inreed. Ik werd gewoon van het parcours gekegeld. Enkel een Italiaanse 'ciao' miste ik nog.'

Daarna moest hij vanuit de dertigste positie aan een inhaalrace beginnen die dus eindigde op een vijftiende plaats. 'Het kalf was na die valpartij al verdronken. Ik ben ontgoocheld. Te meer omdat de technische omloop me zeker lag. En ik heb mijn kansen niet kunnen verdedigen door een eigen fout, maar door die van een andere renner. Dat frustreert nog meer. Hopelijk mag ik volgende week starten in Hoogerheide en is het daar ook een schaatspiste.'

Twintig seconden na Arne bolde Andreas als zestiende over de finish. Yentl werd een week na zijn tweede plek op het BK achtentwintigste. Beiden stonden voor de reis richting Italië respectievelijk tweede en derde in het Wereldbekerklassement, maar zagen na afloop de Franse dagwinnaar Antoine Benoist over zich heen springen naar plek twee. Met nog één manche voor de boeg volgt Andreas op twintig punten, Yentl moet 29 punten goedmaken om terug over de Fransman te wippen.